Elke dag gaan er mensen dood

Sinds maandag ben ik bezig met afvallen. Ik gok dan ook dat dat de oorzaak is van mijn niet solide ontlasting en buikkrampen, wat dan weer de oorzaak is van het feit dat ik vannacht klaarwakker naar het plafond aan het staren was. Ik kon niet slapen door de pijn, maar dat was niet het enige wat ik voelde, ik had ook een ander raar gevoel. De eerste keer dat ik iets soortgelijks voelde was op 11 september 2001. Onbegrip voor mensen die hun punt duidelijk willen maken via onschuldige mensen.

Continue reading Elke dag gaan er mensen dood

Anders

“Groningen verandert dagelijks, daar is het een studenten-stad voor. Sommige veranderingen zijn echter moeilijker te behappen dan de andere. Dat het oude Vindicat-gebouw gesloopt wordt en er een lelijk nieuw pand voor terug komt, doet me niks. En dat de Febo is verhuisd zal me ook echt een frikandel wezen.”

Voor Sikkom schreef ik een column over de veranderingen in de stad. Lees hem hier.

I MAKE IT RAIN ELASTIEKS ON THEM KIDS ON THEM STREETS!

Als ik ooit de investering zal maken om visitekaartjes aan te schaffen, dan mag ik daar vele titels op zetten. Ja, dat mag ik, het is een vrij land leg je er maar bij neer. Schrijvert, grappenmakert, liefdevol vriendje, chefkok, gamer, dichter, photoshop-prutser, inval-Jezus en bandenplakker. En of die titels dan op feiten of fantasie rusten, dat is niet belangrijk. Hoe dan ook, ik ben nu inmiddels daarboven op al twee weekjes postbode en omdat ik het idee heb dat het één van de meest bizarre beroepen ooit is, heb ik besloten sommige avonturen maar uit te typen.

Continue reading I MAKE IT RAIN ELASTIEKS ON THEM KIDS ON THEM STREETS!

Remembjer te tijm

Van mij hoeft dat niet zo nodig, een trein. Bussen, daar voel ik me zoveel fijner in. Je strippenkaart onder de neus van Kees de buschauffeur douwen. De geur van licht loskomende agressie terwijl hij je kaart afstempelt. En daarna heerlijk in alle rust zitten. Even helemaal niks. Tot je bestemming naar koeien staren en naar muziek luisteren. Daar ben je tenslotte een boers kind voor. Zelfs met dat onding van een OV-chipkaart weet je direct waar je aan toe bent. In een trein daarentegen zit ik met mijn billen samengeknepen te wachten op de conducteur of conductrice, want dat apparaat zegt wel dat ik ingecheckt ben, maar dat weet ik nooit zeker. Apparaten “fucken” mij voor hun plezier. Vroeger haatte ik treinen om de pislucht, nu om de continue angst op zwartrijden.

Continue reading Remembjer te tijm

Paranoia

Ik stond in de Bruna. Gewoon te staan. Tussen de Pritt-stiften, Donald Ducks en Play Boys. Te staan. Gewoon, tijd te doden. Net toen ik had besloten mijn dealer in schrijfgerei te verlaten, viel mijn oog op de voorpagina van de Volkskrant van die bewuste dag, vrijdag acht april 2011. Om specifiek te zijn viel mijn oog op de voet noot. In deze werd de volgende lijfspreuk verheerlijkt: “Geloof niets totdat het officieel is ontkend”. Een linkse columnist die zijn werktijd benut om Nederland net even minder onschuldig te laten lijken.

Continue reading Paranoia